Huishoudelijk reglement

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Goedgekeurd te Maastricht 28 maart 2014

Tijdens de Jaarvergadering van 24 maart zijn er wijzigingen goedgekeurd die hier nog niet aangepast zijn.

Een overzicht van de belangrijkste verplichtingen van de leden vindt u hier.

Artikel 1
BESTUUR
1. Het aftreden zal als volgt geschieden:
a. de eerste secretaris en de tweede penningmeester;
b. de eerste penningmeester en een bestuurslid;
c. de voorzitter, tweede secretaris en een bestuurslid.
2. Voor de handhaving van de orde en voorschriften, hebben tenminste twee bestuursleden en/of door het bestuur gemachtigden het recht te allen tijde
de tuinen te betreden, althans mag hen de toegang niet worden geweigerd.
3. De gemachtigden dienen de machtiging op verzoek te tonen.
4. Ieder bestuurslid is gehouden binnen 3 weken na zijn aftreden, de op zijn functie betrekking hebbende bescheiden en de onder zijn berusting zijnde
goederen van de vereniging, aan zijn opvolger over te dragen. Tevens
dient hij alle gewenste inlichtingen te verschaffen betreffende nog lopende aangelegenheden.
5. Indien het bestuur aftreedt, moet het de lopende zaken blijven behandelen
tot er een nieuw bestuur is benoemd.
Het bestuur functioneert dan als een interim-bestuur, dat zal zorg dragen
voor een oproep van een algemene ledenvergadering met als agendapunt het benoemen van een nieuw bestuur.

Artikel 2
VOORZITTER
1. De voorzitter belegt binnen drie weken een bestuursvergadering, zo dikwijls hij dit nodig acht alsmede indien drie bestuursleden een verzoek hiertoe
hebben ingediend.
2. De voorzitter is belast met de handhaving van de statuten, het huishoudelijk reglement en de uitvoering van de besluiten welke genomen zijn tijdens
bestuurs- en ledenvergaderingen.
3. De voorzitter kan alle uitgaande stukken van de vereniging, indien hij zulks wenst, mede ondertekenen.
Ook kan hij de werkzaamheden van de overige bestuursleden controleren.
4. Bij ontstentenis wordt de voorzitter vervangen door de tweede voorzitter.
Bij diens afwezigheid wordt door en uit het bestuur een persoon
aangewezen.
5. Hij is bij elke vertegenwoordiging de woordvoerder van het bestuur. Bij voorkomende gelegenheden kan hij een bestuurslid aanwijzen.

Artikel 3
EERSTE SECRETARIS
1. De eerste secretaris voert alle correspondentie, waarvan hij afschrift houdt
voor het archief van de vereniging.
2. Van alle ingekomen stukken geeft hij kennis in de eerstvolgende bestuursvergadering en vooraf aan het dagelijks bestuur.
3. In de algemene jaarvergadering brengt hij verslag uit van de verrichtingen van de
vereniging over het afgelopen jaar, het aantal leden, alsmede de mutaties die zich in het afgelopen jaar hebben voorgedaan.
4. Hij verzorgt het archief.

5. Hij draagt er zorg voor dat de convocaties voor vergaderingen, zeven
dagen voor de betrokken vergadering worden verzonden.
6. Bij ontstentenis wordt hij vervangen door de tweede secretaris, bij diens
afwezigheid wordt door en uit het bestuur een persoon aangewezen.
7. Hij is bevoegd een persoon, geen deel uitmakende van het bestuur, aan te
stellen als notulist(e) ter verlichting van zijn werkzaamheden.
Deze benoeming vergt de goedkeuring van het bestuur.

Artikel 4
EERSTE PENNINGMEESTER
1. De eerste penningmeester int alle gelden van de vereniging, welke
verkregen worden uit contributies, tuinhuur of anderzijds.
2. Alle ontvangsten en uitgaven dienen verantwoord te zijn door duidelijke
kasbewijzen.
3. De gelden, welke niet direct noodzakelijk zijn voor directe betalingen,
dienen op een bankrekening van de vereniging geplaatst te worden.
4. Alle betalingen door hem gedaan, zonder inachtneming van de bepalingen
van de statuten en/of huishoudelijk reglement, komen te zijnen laste.
Tevens komen alle tekorten, welke te wijten zijn aan zijn schuld, te zijnen
laste.
5. Hij dient de begroting in voor het komende boekjaar tijdens de algemene
vergadering.
6. Bij ontstentenis wordt hij vervangen door de tweede penningmeester. Bij
diens afwezigheid wordt door en uit het bestuur een persoon aangewezen.

Artikel 5
STEMMINGEN
1. Bij het niet stellen van tegenkandidaten is de vergadering bevoegd het
bestuurslid of commissielid dat zich herkiesbaar stelt bij acclamatie als
gekozen te verklaren.
2. Bij het niet stellen van tegenkandidaten is de vergadering bevoegd het lid
dat zich verkiesbaar stelt bij acclamatie als gekozen te verklaren.
3. Bij schriftelijke stemming in een algemene vergadering, worden door de
voorzitter uit de vergadering drie leden benoemd, die het stembureau
vormen.
4. Alle stembriefje moeten, op straffe van nietigheid, van een door het bestuur vast
te stellen waarmerk voorzien zijn.
5. Stembriefjes zijn niet geldig, indien:
a. zij meer namen bevatten dan het aantal personen, dat gekozen moet
worden;
b. zij andere namen bevatten dan die van de kandidaten, waarvoor de
stemming wordt gehouden;
c. zij een aanduiding bevatten over personen, die de stem hebben
uitgebracht;
d. zij de kandidaat niet duidelijk aanwijzen;
e. zij niet voorzien zijn van een waarmerk, dat door het bestuur is vastgesteld.
Het stembureau beslist over de geldigheid van een stembriefje, direct na de

opening, desgewenst de voorzitter gehoord hebbende.

Artikel 6
ALGEMENE JAARVERGADERING
1. In de algemene jaarvergadering komen tenminste de volgende punten aan
de orde:
a. jaarverslag van de secretaris;
b. jaarverslag van de penningmeester;
c. jaarverslagen van de door de vereniging benoemde commissies;
d. vaststelling van de contributie en de tuinhuur.
2. Voorstellen van de leden, voor behandeling in algemene jaarvergadering
dienen uiterlijk tien dagen voor de vergadering door de secretaris
ontvangen te zijn.
3. Op de algemene jaarvergadering worden geen voorstellen behandeld,
welke niet op de agenda zijn geplaatst.

Artikel 7
LIDMAATSCHAP
De aanmelding voor het lidmaatschap geschiedt schriftelijk bij de secretaris of persoonlijk bij het dienstdoend bestuurslid tijdens de wekelijkse tuindienst op zaterdagmorgen.

Artikel 8
TOEWIJZING VAN DE TUINEN
1. Een nieuw gewoon lid wordt ter verkrijging van een tuin op de wachtlijst ingeschreven in volgorde van binnenkomst.
2. Wanneer een tuin beschikbaar komt, ontvangt het eerstvolgende lid op delijst, daarvan bericht. Bij aanvaarding van de tuin, dient het lid een door dealgemene ledenvergadering hiervoor vastgesteld bedrag aan inschrijfgeld te voldoen, dat nimmer gerestitueerd zal worden. Tevens dient een borgsom van een door de algemene ledenvergadering hiervoor vastgesteld bedragvoldaan te worden, welke bij een nette oplevering van de tuin bij beëindiging zal worden gerestitueerd. De netheid van een tuin bij beëindiging, wordt vastgesteld door het bestuur. Indien de netheid van de tuin bij beëindiging te wensen overlaat, zal geen restitutie van de borgsom plaatsvinden.
3. Geeft het nieuwe lid binnen acht dagen geen bericht dat hij, de hem
aangeboden tuin wil aanvaarden, dan wordt hij geacht daarvoor geen
belangstelling te hebben. Hierna komt het volgende lid op de lijst in
aanmerking voor deze tuin.
4. Leden, welke om een andere tuin verzoeken, worden eveneens op een wachtlijst geplaatst. Deze leden hebben een voorkeursrecht, indien de door hen
gevraagde tuin ter beschikking komt voor uitgifte, in volgorde van inschrijving.

Artikel 9
OVERDRACHT TUINEN
1. Wenst een lid zijn of haar lidmaatschap te beëindigen, dan dient dit schriftelijk

te geschieden aan de secretaris van de vereniging of door
opzeggen ‘s zaterdags tussen 11.00 uur en 12.00 uur bij het bestuur in het
verenigingsgebouw en schriftelijke vastlegging in het rapportenboek.
2. Het eigenmachtig overdragen van een tuin of een gedeelte daarvan, aan derden, is niet
toegestaan

Artikel 10
BEËINDIGING VAN HET LIDMAATSCHAP
1. Bij het overlijden van het lid, blijft de tuin in beheer bij de rechtmatige erfgenamen,
gedurende het lopende verenigingsjaar. Hierna is de tuin beschikbaar voor toewijzing
aan een lid. Het bestuur kan echter aan een van de erfgenamen de voorkeur geven.
2. Bij beëindiging van de tuinhuur of het lidmaatschap door het lid, moeten
uiterlijk binnen 8 dagen, de aan het lid in eigendom toebehorende goederen,
door hem verwijderd zijn van de tuin.
3. Leden die zich misdragen, de vereniging benadelen, de statuten of huishoudelijk
reglement overtreden, in strijd handelen met wettig genomen besluiten of op andere wijze
het belang van de vereniging schaden, kan het lidmaatschap worden ontnomen, door
opzegging namens de vereniging of ontzetting.
4. Het derde lid van dit artikel wordt altijd toegepast, nadat het betrokken lid
minstens tweemaal is gewaarschuwd en hij niet binnen acht dagen na
dagtekening van de tweede waarschuwing, welke hem aangetekend wordt
toegezonden, daaraan gevolg heeft gegeven. Mocht betrokkene in herhaling
vallen in het lopende dan wel in het volgende verenigingsjaar, dan zal het
derde lid van dit artikel alsnog, zonder voorafgaande berichtgeving in
werking treden.
5. De kosten van de verzonden waarschuwingen, worden op het desbetreffende lid
verhaald.
6. Na beëindiging van het lidmaatschap wegens opzegging namens de vereniging of door
ontzetting, is het bestuur bevoegd een termijn te bepalen, waarbinnen de in eigendom
toebehorende goederen van de tuin verwijderd dienen te zijn.
7. Niet verwijderde goederen, vervallen aan de vereniging, na het verstrijken van de in lid 2 en 6 genoemde termijn.
8. Reeds betaalde verenigingscontributie en tuinhuur, worden in geval van beëindiging niet
gerestitueerd, terwijl de nog verschuldigde gelden dienen te worden voldaan.

Artikel 11
VERENIGINGSWERK
1. De leden zijn verplicht aan het gemeenschappelijk werk tot onderhoud, verbetering of verfraaiing van het tuincomplex, onder leiding van het
bestuur c.q. terreincommissie deel te nemen.
Dag en uur van dit gemeenschappelijk werk worden door het bestuur c.q. de
terreincommissie bepaald.

2. Bericht van verhindering kan zowel mondeling als schriftelijk geschieden,
binnen drie dagen na dagtekening van de oproep, aan de afzender van de
oproep van bestuur- of terreincommissieleden. De leden kunnen daarbij
het verzoek doen op een door hen, in overleg met de terreincommissie te
bepalen dag en uur het werk te mogen verrichten. Het bestuur en/of
terreincommissie zal/zullen schriftelijk of mondeling aan de betrokken lid
opgave doen van de werkzaamheden, welke door hem dienen te worden
verricht.
3. Het bestuur is bevoegd vrijstelling van het gemeenschappelijk werk te
verlenen, aan die leden die zich uit andere hoofde voor de vereniging
verdienstelijk maken.
4. Indien op het uur van aanvang van het gemeenschappelijk werk, het werk
zodanig is, dat werken in de open lucht niet mogelijk is, worden de werk-
zaamheden uitgesteld tot de volgende week.
Deze uitgestelde werkzaamheden vinden plaats op dezelfde dag en het
zelfde uur, een nieuwe oproep wordt in dit geval niet verzonden.
5. Door de leden wordt maximaal negen uur per jaar gemeenschappelijk werk verricht.
Waarbij minimaal twee derde van deze uren verricht worden in de eerste acht
maanden van het verenigingsjaar. Per keer zal de tijdsduur van het
gemeenschappelijk werk minimaal negentig minuten bedragen.
6. Als in een verenigingsjaar niet volledig is voldaan aan het aantal uren
genoemd in lid 5, dan worden deze niet gewerkte uren, overgeheveld naar
het daarop volgende verenigingsjaar. Deze uren welke overgeheveld zijn,
dienen in de eerste zes maanden van het nieuwe verenigingsjaar te worden ingehaald.
7. Leden die een bepaalde functie vervullen binnen de vereniging zijn vrijgesteld
van gemeenschappelijk werk. Indien zij deze functie neerleggen c.q. beëindigen,
behoeven zij in het lopende verenigingsjaar geen gemeenschappelijk werk te verrichten.

Artikel 12
ADRESWIJZIGING
Adreswijzigingen moeten door de leden schriftelijk en met vermelding van het oude en het nieuwe adres met eventueel telefoonnummer aan het secretariaat worden bekendgemaakt.

Artikel 13
BETALINGEN
De verschuldigde contributie en tuinhuur moeten eenmaal per jaar voor een januari aan de penningmeester van de vereniging of aan zijn vervanger worden voldaan. Door het bestuur zal tijdig schriftelijk medegedeeld worden, hoe de betalingen kunnen geschieden. Van de betalingen wordt aantekening gehouden op een betalingslijst. Het bestuur is gerechtigd administratiekosten in rekening te brengen bij diegenen, die aan de oproep tot betaling, niet of niet tijdig gevolg hebben gegeven.
Het bedrag aan administratiekosten wordt vastgesteld door de ledenvergadering.

Artikel 14
KASCOMMISSIE
1. De commissie bestaat tenminste uit drie leden en twee reserveleden.
2. De leden hebben ten hoogste drie jaar zitting en treden af, volgens een door het bestuur op te maken rooster.
3. Een aftredend lid is niet herkiesbaar in hetzelfde verenigingsjaar.
4. Zij controleren minimaal een maal per jaar de financiële bescheiden van de penningmeester.

Artikel 15
INKOOPCOMMISSIE
1. De inkoopcommissie bestaat uit tenminste twee leden. De benoeming in en
de ontheffing uit deze commissie geschiedt op voordracht van het bestuur, door de algemene vergadering. Het bestuur is bevoegd om in een tussen- tijdse vacature te voorzien.
2. Door het bestuur kan een gedelegeerde aan de commissie worden toege- voegd.
3. De commissie verricht haar werkzaamheden in opdracht en onder verant- woordelijkheid van het bestuur.
4. De taak van de commissie bestaat uit de inkoop van tuinbenodigdheden, goederen voor de vereniging en uit de verkoop van tuinbenodigdheden aan de leden.
5. Verkoop van tuinbenodigdheden aan de leden geschiedt tegen contante
betaling.

Artikel 16
TERREINCOMMISSIE
1. De terreincommissie bestaat tenminste uit drie leden. De benoeming in en de ontheffing uit deze commissie geschiedt op voordracht van het bestuur, door de algemene vergadering. Het bestuur is bevoegd om in een tussentijdse vacature
te voorzien.
2. De commissieleden hebben ten hoogste drie jaren zitting en treden af volgens een door het bestuur op te maken rooster.
3. Door het bestuur kan een gedelegeerde aan de commissie worden toegevoegd.
4. De commissie verricht haar werkzaamheden in opdracht en onder verant- woordelijkheid van het bestuur.
5. De taak van de commissie bestaat uit:
a. controle, of de tuinen en paden, voldoen aan de voorschriften en besluiten van de vereniging;
b. het houden van toezicht op de plaatsing en onderhoud van
bouwwerken en afscheidingen op de tuinen;
c. het houden van toezicht op het onderhoud van verenigingsmaterialen
en verenigingsgebouwen;
d. het geven van technische en praktische voorlichting aan de leden;
e. het leiding geven aan het gemeenschappelijk werk.
6. De terreincommissie brengt over haar verrichtingen verslag uit aan het bestuur.

7. Twee of meer leden van de terreincommissie hebben voor de uitoefening van hun taak, altijd het recht van toegang tot de tuinen. Zij zijn hiertoe gemachtigd door het bestuur, conform artikel 1 lid 2 van dit huishoudelijk reglement.

Artikel 17
COMPOSTERING
1. De werkzaamheden op de compostplaats worden beheerd door een groep leden in het kader van verenigingswerk en worden ondersteund door een projectbeheerder die rapporteert aan het bestuur.
2. De beheerders dragen zorg voor een goede aanvoer en verwerking van het tuinafval, tevens dragen zij zorg voor de uitgifte van verkochte compost middels verkoopbonnen.
3. De verkoopprijs van compost wordt vastgesteld door het bestuur.
4. De aanwijzigingen van de dienstdoende beheerder(s) dienen te allen tijde opgevolgd te worden.
5. De aanvoer van tuinafval is alleen toegestaan op die dagen en uren welke van te voren zijn vastgesteld, c.q. bekend gemaakt via het informatiebord.
6. Aangevoerd tuinafval dient ontdaan te zijn van aarde en mag geen
kunststoffen, stenen, glas, metalen en hout bevatten.
7. Het loof van aardappelen, tomaten en asperges of delen hiervan, wordt niet geaccepteerd.
Deze regel is ook van toepassing voor keukenafval en tuinafval van elders.
8. Aangevoerd tuinafval mag niet dikker zijn dan 2 cm doorsnede en ten
hoogste 40 cm. lang.

Artikel 18
BEROEPSCOMMISSIE
1. De beroepscommissie bestaat tenminste uit drie leden en een reservelid. De commissieleden bepalen wie van hen als voorzitter op zal treden.
2. Benoeming tot alsmede ontheffing uit deze functie geschiedt door de alge- mene vergadering. De commissie treedt op als vertegenwoordiger van de
algemene vergadering voor wat betreft de beroepszaken.
3. De commissieleden hebben ten hoogste drie jaren zitting en treden af
volgens een door het bestuur op te maken rooster.
4. Een aftreden lid is herkiesbaar in hetzelfde verenigingsjaar.
5. Een tussentijds optredend reservelid treedt af op het tijdstip waarop zijn voorganger zou aftreden.
6. Een aftredend reservelid is verkiesbaar als lid in hetzelfde verenigingsjaar.
7. De commissie heeft tot taak, om een bindende uitspraak te doen bij een geschil tussen leden/lid en het bestuur. Een geschil kan alleen betrekking hebben op een besluit dat door het bestuur is genomen, en waarbij het lid van mening is dat dit in strijd is met de statuten en/of huishoudelijk reglement van de vereniging.

Artikel 19
BEROEPSPROCEDURE
1. Een klacht dient schriftelijk binnen een maand, nadat de bestreden

bestuursbeslissing aan hem/haar is bekend gemaakt, bij de commissie in- gediend te zijn.
2. Indien door buitengewone omstandigheden aan de termijn van indienen niet voldaan kan worden, dient deze klacht uiterlijk binnen een maand, nadat deze omstandigheden hebben opgehouden te bestaan, ingediend te worden.
3. De commissie zal geen beslissing nemen, voordat het bestuur schriftelijk in kennis
is gesteld van de klacht en het lid/klager en bestuur door de commissie is gehoord, althans tot een zodanig verhoor is opgeroepen. Tevens zal de commissie geen beslissing nemen alvorens het lid of de leden zijn verhoord, althans tot een zodanig verhoor is/zijn opgeroepen.
4. Een lid van de dat bij een geschil rechtstreeks is betrokken, mag aan de
behandeling daarover niet deelnemen.
5. De commissie zal bij beoordeling van het geschil, uitsluitend de rechtmatigheid van de
desbetreffende bestuursmaatregel toetsen aan de statuten en/of huishoudelijk reglement.
6. Over de ingediende klacht zal de commissie uiterlijk drie weken na de indiening een beslissing hebben genomen. Indien buitengewone omstandigheden zich hiertoe verzetten, zal de beslissing genomen worden, uiterlijk drie weken nadat deze omstandigheden hebben opgehouden te bestaan.
7. Alle beslissingen worden genomen met gewone meerderheid van stem men.
8. De uitspraak van het genomen besluit zal, aan beide partijen, schriftelijk ter kennis worden gebracht. Van deze uitspraak zal een exemplaar in het archief worden opgelegd.
9. Tegen de uitspraak van de commissie is geen beroep mogelijk.

Artikel 20
VERPLICHTINGEN VAN DE LEDEN
De leden zijn verplicht:
1. Voor een behoorlijk onderhoud van hun tuin zorg te dragen;
2. De tuin vóór vijftien april schoon en onkruidvrij te hebben. Onder onkruid wordt verstaan, alles wat spontaan groeit, zonder dat het is gezaaid of geplant;
3. De paden, welke aan de tuin grenzen, over een afstand van minimaal zestig centimeter vanaf hun tuin schoon en vrij van onkruid te houden;
4. De bewerking van hun tuin persoonlijk te verrichten. Indien een lid hiertoe niet in staat is, kan hij het bestuur verzoeken dit werk door derden te laten verrichten. Deze toestemming kan door het bestuur worden gegeven voor maximaal een half jaar. Bij ziekte of lichamelijke beperkingen, kan ten aan zien van dit werk op de tuin, via het bestuur, een beroep worden gedaan op de terreincommissie;
5. De mest- en compostopslag aan het oog te onttrekken;
6. Om het tuinnummerbord schoon en duidelijk zichtbar te houden;
7 De aardappelen te poten, in het vak dat voor dat jaar is vastgesteld;
8. De toegangspoort tot het complex, altijd achter zich te sluiten. Op zater- dagmorgen dient de poort van elf tot en met twaalf uur geopend te zijn;
9. Voor een kelderhuisje toestemming aan te vragen bij het bestuur. Het
kelderhuisje dient te voldoen aan de voorschriften en tevens dient men zich schriftelijk akkoord te verklaren met dit voorschrift;

10. Voor broeikassen, kweekkassen en overige bouwwerken, toestemming bij het bestuur aan te vragen.
Het frame van deze kassen dient goed verankerd te zijn in de grond. De be kleding van de kassen dient in goede staat te verkeren;
11. Voor tunnels en andere verhogingen van maximaal 150 centimeter hoogte zich te houden aan de voorschriften;
12. Om motorvoertuigen alleen te parkeren in de aangegeven parkeervakken;
13. Om verpakkingen of overschotten van verdelgingsmiddelen, bestrijdings- middelen en ander chemisch afval, dat niet meer gebruikt wordt, te verwij- deren van zijn tuin;
14. Om voor het plaatsen van een pergola, toestemming bij het bestuur aan te vragen. Het is niet toegestaan om de bovenzijde van deze pergola te bedek- ken met glas, kunststoffen, netten of andere materialen;
15. Om het materiaal en/of gereedschappen, die men in bruikleen heeft van de vereniging, na gebruik schoon in te leveren. Het is niet toegestaan om materiaal en/of gereedschappen van de vereniging buiten het tuincomplex te brengen, zonder toestemming van de terreincommissie of het bestuur;
16. Bonenstaken dienen vóór 1 november van het kalenderjaar verwijderd te worden.

Artikel 21
VERBODSBEPALINGEN
Het is de leden verboden:
1. Handel of bedrijf uit te oefenen op het tuincomplex;
Als afscheiding of op plaatsen waar zij anderen kunnen hinderen, hagen te plaatsen, welke hoger zijn dan vijf en zeventig centimeter, ligusterhagen zijn als afscheiding van tuinen niet toegestaan;
3. Langs de gemeenschappelijke paden, hagen te plaatsen, hoger dan vijf en zeventig centimeter;
4. Om op het tuincomplex te collecteren, artikelen te verkopen of bijdragen te vragen, zonder toestemming van het bestuur;
5. Plakkaten of drukwerk aan te brengen of te verspreiden, zonder goedkeu- ring van het bestuur;
6. Buiten de tuinen of het complex vuilnis of afval te deponeren;
7. De gemeenschappelijke paden te versperren of te verontreinigen;
8. Greppels te graven langs de gemeenschappelijke paden;
9. Open vuur op hun tuin te maken of afval te verbranden:
10. Afrasteringen te verbreken en grenspalen te beschadigen of te verplaatsen;
11. Ongevraagd of zonder toestemming, andere tuinen te betreden.
Uitgezonderd hiervan is het bestuur of zij die opdracht hebben om namens
het bestuur werkzaamheden te verrichten;
12. Op de tuin levend vee, duiven, pluimvee of pelsdieren te houden;
13. Loslopende huisdieren op het terrein te hebben of het vuil van deze dieren buiten de eigen tuin te laten liggen;
14. Vliegers op te laten of andere hinderlijke spelen uit te voeren;
15. Fietsen of motorrijwielen te plaatsen tegen hekken, heggen, het
verenigingsgebouw of op de gemeenschappelijke paden;

16. Propaganda te maken voor politieke, kerkelijke- of andere instellingen;
17. Andere dan nationale-, stedelijke- of eigen verenigingsvlaggen op de tuin uit te hangen;
18. Op de gemeenschappelijke paden zand, grind of mest te storten en/of
metselspecie daarop aan te maken;
19. De gehuurde tuin als opslagplaats te gebruiken;
20. Te rijden met auto’s, motoren, rijwielen en rijwielen met hulpmotor, an- ders dan over de rondweg. Uitgezonderd hiervan zijn voertuigen ten alge- mene dienste;
21. Het verenigingsgebouw of lokalen te gebruiken, anders dan door het be- stuur is bepaald;
22. De maximum snelheid van vijf kilometer per uur te overschrijden;
23. Iets op de tuin te hebben, dat hoger is dan een meter en vijftig centimeter. Uitgezonderd hiervan zijn planten, steunen voor planten, bomen, struiken, gewassen, pergola of de uniforme kweekkas en van gemeentewegen
goedgekeurde en verstrekte compostvaten.
Maximaal vijf en twintig procent van de tuin, inclusief de uniforme kweek-
kas, kelderhuisjes en daken van tomatenplanten mag overkapt zijn;
24. Om zich tussen zonsondergang en zonsopgang op de tuin te bevinden. (Zonsondergang valt op het gelijke tijdstip als het ontsteken van de open- bare straatverlichting);
25. Om de watervoorziening op het tuincomplex, anders te gebruiken, dan voor het water geven van gewassen of het vullen van de watertonnen op de tuin;
26. Sproeien met de tuinslang vanaf de gemeenschappelijke aftappunten. Uitge- zonderd hiervan zijn de vijver en de algemene bloembakken;
27. Om meer dan een kruiwagen van de vereniging op hun tuin in gebruik te hebben;
28. Om de bodem van de gehuurde tuin te verontreinigen door meststoffen, chemicaliën, e.d.;
29. Door wind aangedreven molentjes en vogelverschrikkers dienen van dien aard te zijn dat zij geen (geluids)overlast bezorgen;
30. Alle door de wet verboden gewassen te kweken;
31. Plastic zakken en lege blikjes alsmede (gekleurde afzetlinten te gebruiken als vogel(dier)verschrikker;
32. Om zonder toestemming van het bestuur bomen te rooien op het
tuincomplex.

Artikel 22
JUBILARISSEN
Bij een 25, 40, en 50 jarig lidmaatschap van de vereniging zal door de vereniging een cadeau aan de jubilaris worden aangeboden.

Artikel 23
KINDEREN OP HET TUINCOMPLEX
1. Kinderen beneden de leeftijd van 14 jaar en zonder geleide, kunnen van de

tuin of het tuincomplex verwijderd worden.
2. Kinderen beneden de tien jaar en onder geleide, hebben alleen toegang tot de eigen tuin van het lid. Het is niet toegestaan, dat zij zich zonder geleide op het tuincomplex bevinden.

Artikel 24
INTRODUCTIE
1. Het is leden toegestaan, om niet-leden toegang tot het tuincomplex te
verlenen, als introducé(es).
2. Huisgenoten van het lid, worden niet als introducé(es) aangemerkt en hebben toegang tot het tuincomplex.
3. Introducé(es) dienen altijd onder begeleiding van een lid te zijn.
4. Het lid is altijd verantwoordelijk voor het gedrag van zijn introducé(es).
5. Het introduceren van groepen of regelmatig dezelfde personen is niet toegestaan.

Artikel 25
DONATEURS
Donateurs zijn die mensen, die de vereniging jaarlijks steunen met een minimaal bedrag gelijk aan de contributie van de leden.
Donateurs kunnen het complex bezoeken binnen de geldende toegangstijden.
Donateurs kunnen geen invloed uitoefenen op het beleid van de vereniging. Zij hebben derhalve geen stemrecht en geen toegang tot de (algemene) ledenvergaderingen en/of bestuursvergaderingen.
Het staat donateurs vrij om activiteiten van de vereniging te bezoeken, zoals bijvoorbeeld de nieuwjaarsreceptie, jubilea etc.

Artikel 26
ALGEMENE BEPALINGEN
1. De leden worden geacht op de door hun gehuurde grond aanwezige goederen in volle eigendom te hebben, welke overigens strekken tot onderpand van de huurovereenkomst of uit het lidmaatschap voortvloeiende verplichtingen
2. Voor het verbouwen van alleen aardappelen worden geen tuinen beschikbaar gesteld.
Ook zullen geen tuinen beschikbaar worden gesteld voor het beplanten met bomen.
3. De leden zijn verplicht de statuten en de reglementen van de vereniging alsmede de besluiten van het bestuur en de algemene vergadering, stipt op te volgen.
4. De huur van de tuin wordt aangegaan voor de tijd van een verenigingsjaar, lopende van een januari tot en met een en dertig december en wordt steeds stilzwijgend verlengd met een jaar.
5. Ieder lid heeft de vrije beschikking over de gehuurde grond, met inachtneming van de beperkingen in de statuten en/of huishoudelijk reglement, doch is verplicht de tuin van aanvang af in goede toestand te brengen en geregeld te onderhouden.

6. Voor het planten van bomen is altijd de toestemming van het bestuur vereist;
7. In gevallen waarin het huishoudelijk reglement niet voorziet, beslist het bestuur;
8. Op het tuincomplex is de wegenverkeerswet en de wegenverkeersregels van toepassing